Van iets verdrietigs, iets moois maken.

Wil je nog uitgestrooid worden?


“Kies jij maar”. Kreeg ik als antwoord. 



“Schat wil je nog ergens uitgestrooid worden”?

Het is een vraag die ik ruim vier jaar geleden aan Elroy stelde. 

Tijdens een van onze laatste autoritjes, probeerde ik antwoorden te krijgen op vragen die ik straks niet meer kon stellen. Zelfs toen we wisten dat de dood wel heel dichtbij kwam, wilde hij alsnog het niet over zijn uitvaart hebben. “Regel jij het maar, ik ben er dan toch niet meer. Zolang je mij maar niet gaat ophemelen”. Reacties die ik kreeg op mijn vragen. Het was lastig om de uitvaart met hem te bespreken. Hoewel hij klaar was voor de dood, was een uitvaart regelen iets wat emotioneel gezien toch te zwaar beladen was.

 

Uiteindelijk wist ik mondjesmaat hoe hij zijn uitvaart wilde.

 

“Strooi maar wat as uit bij een hunebed, dat vind ik wel een mooi idee” . Vertelde Elroy mij ongeveer 2 weken voor zijn dood. “ Welk hunebed schat? Er liggen hier aardig wat hunebedden in de buurt”. Was mijn reactie. “Kies jij maar”. Kreeg ik als antwoord. 

 

Niet het antwoord waar ik naar zocht. “Nee lieverd, jij moet kiezen, ik ben niet degene die dood gaat”.  We gaven elkaar nog even een blik en het gesprek viel stil. 

 

Het bleef een moeilijk onderwerp, terwijl ik behoefte had aan antwoorden. Ik wilde het straks wel goed doen. Dat werd lastig als ik geen antwoorden kreeg. 

 

“Wat is eigenlijk jouw favoriete hunebed”? Vroeg Elroy mij. “Dat is hunebed D21. Alleen al de eeuwenoude beuk die erbij staat, maakt het een prachtige plek om te zijn. Helemaal in de zomermaanden. Dan gaat de zon daar prachtig onder”. Was mijn antwoord.

 

“Dan strooi je wat as uit bij D21. Aangezien je daar toch al graag komt”.  Kreeg ik als reactie. 

 

 

Zo gezegd, zo gedaan. Nadat ik het as van Elroy had opgehaald, ben ik die avond samen met de kinderen naar hunebed D21 gereden. Vooral de jongste vond het vreemd dat we een beetje as gingen verstrooien. 

 

“Het spijt me zo papa”. Zei de jongste. Ik keek hem met een vragende blik aan. “Wat spijt jou, klein ventje”? Vroeg ik aan mijn jongste. 

 

“Dat we papa niet hebben begraven, dat hoort toch zo”? Kreeg ik als reactie.

Ik snapte die reactie wel. Hij was nog maar 5 en als je dood gaat word je begraven. 

Dat zijn vader gecremeerd was, vond hij al gek. En nu zou een deel van zijn as zo de lucht in gegooid worden en met de wind worden meegevoerd. Dat kleine hoofdje kon dat niet bevatten. Voor hem klopte het niet. 

 

“We kunnen ook wat as van papa begraven lieverd” Vertelde ik aan mijn jongste. Ik zag een kleine glimlach op zijn gezicht. Begraven van het as, was volgens hem een veel beter idee dan verstrooien. 

 

Samen maakten we een kuiltje in het zand onder het hunebed. Dicht tegen een van de stenen aan. Een zonnestraal reikte het stukje steen waar we net een kuiltje hadden gegraven. Alle drie stopten we wat as in het kuiltje, om het vervolgens weer dicht te maken met zand. 

Ik zag de jongste nog wat vertwijfeld kijken. Alsof het toch nog niet helemaal klopte. Ik keek rond en vond een stokje. Klein en dik genoeg om onder het hunebed te plaatsen. 

 

Ik gaf het stokje aan mijn jongste “Kijk eens, steek die maar in het zand, waar we net het as van papa hebben begraven”. Vertelde ik mijn zoon. Hij keek me aan, pakte het stokje en stopte deze in het zand dichtbij de steen waar we net wat as hadden begraven.   

 

“Dit is beter he mam”. Vroeg mijn zoon aan mij. “Ja lieverd, dit is beter”. Kreeg hij als bevestiging. 

 

Na het begraven van het as, stonden we met zijn allen nog even stil bij het hunebed. Vervolgens zijn we weer naar huis gereden. 

 

 

Gisteravond ben ik nog even op bezoek geweest bij D21. Hoewel het meeste as van Elroy gewoon in platenspeler zit, die in de woonkamer staat. Voelt het toch elke keer weer opnieuw alsof ik hem ga bezoeken bij D21. 

 

Daar gaven we een deel van hem terug aan de natuur. Maakten wij het cirkeltje voor hem rond. 

Terwijl de zon net onder was, kwam ik bij D21 aan. “Hey oude reus, pas je wel goed op hem”? Een vraag die elke keer weer opnieuw aan het hunebed stel. 

 

Alsof het nu de taak is van het hunebed om voor Elroy te zorgen. Ik denk dat het een stukje afsluiting is voor mijzelf. Jarenlang heb ik hem moeten verzorgen. Die taak viel ineens weg. Nadat we het as daar hadden begraven, gaf ik ook mijn taak door aan het hunebed. Liet ik mijn zorgen maken om los en liet ik dat daar achter. 

 

Want een oude reus die al duizenden jaren op dezelfde plek staat, kun je zo’n taak wel toevertrouwen.  Ik legde mijn hand even op het hunebed en keer naar de steeds donkerder wordende lucht. Ik was stil en liet alles even op mij inwerken. “Ik zie je dinsdag weer lieverd, dan kom ik nog even samen met de jongens langs voor je verjaardag”. 

 

Ik streelde nog even de steen. “Hey oude reus, pas je goed op hem”? Ik keek nog een keertje achterom naar het hunebed terwijl ik mijn weg weer vervolgde, richting huis. 



«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Ria Buis
6 maanden geleden

Mooi Daf !!
Gewoon heel mooi !!

Allison
5 maanden geleden

Snik en slik 🍀❤️

Marian
5 maanden geleden

Met respect lees ik je blog , wat dapper om dit zo te kunnen verwoorden, zo met kippenvel gelezen.
Fijne paasdagen voor jullie met elkaar 💖🐥