Van iets verdrietigs, iets moois maken.

Ik wil niet meer zo verder met jou.


Ik wil niet meer zo veel ruzie met je maken of onze relatie nog verder verwoesten, daarvoor houd ik te veel van jou.



Het laatste jaar dat Elroy ziek was, ging het tussen ons niet goed.

De relatie die wij hadden was er niet meer. Hij was zo ziek geworden en zo hulp behoevend, dat het niet meer gelijkwaardig was.

 

Ik hield nog wel van hem en ik wist dat dit andersom ook zo was.

Alleen konden we nog samen weinig delen. Ik werkte in die tijd op het Hunebedcentrum. Ik genoot van mijn werkdagen. Even niet thuis zijn, gewoon tussen de mensen zijn waar ik niet voor hoefde te zorgen.

Alles thuis viel op mijn schouders en ik wilde daar ook aan kunnen ontsnappen. Alle dagen zorgen voor, werkt niet positief op je gestel.

 

Elroy raakte steeds meer opgesloten in zijn lichaam.

Steeds meer moest hij toegeven aan de slopende ziekte en erkennen dat hij eigenlijk niks meer kon. Hij zat letterlijk toe te kijken hoe wij ons leven leefden.

Iedere dag zat hij te wachten totdat ik weer thuiskwam van het werk. Ook voor hem waren deze dagen slopend. De tijd leek enorm langzaam te gaan. De enige manier om contact te maken met de buitenwereld was via social-media.

 

Door de onmacht van ons beiden en de relatie die ontwricht werd door zijn ziekte, begon het tussen ons te schuren.

In onze relatie hadden we wel eens een meningsverschil gehad, maar we wisten dat altijd gewoon uit te praten. Ruzies kwamen amper voor en samenwerken was voor ons geen probleem.

Het laatste jaar was dat wel anders. Doordat zijn lichaam hem zo in de steek liet konden wij niet meer samenwerken. Ik kon niet meer van hem verwachten dat hij meehielp, hoe graag hij dit ook wilde.

 

Doordat we beiden de onmacht voelden en daardoor gefrustreerd raakten, waren irritaties steeds meer aan de oppervlakte.

Gesprekken over koetjes en kalfjes gingen nog wel, maar zodra er een beetje diepgang inkwam ontstond er al snel gekibbel wat kon uitmonden in een ruzie.

Ruzie om echt van alles.

Meestal ging het over de kinderen, of over de tijd dat ik op mijn werk was.

Het was begin november en ik kwam van een feestje thuis. Een collega zou gaan stoppen bij het Hunebedcentrum en daar was een feestje voor georganiseerd.

Feestjes bouwen konden we daar wel en ik kwam dan ook die vrijdagavond laat thuis.

 

Toen ik thuiskwam bleek onze jongste nog steeds wakker te zijn.

Hij zat nog achter een beeldscherm een spelletje te spelen.

Onze jongste was toen 5 jaar oud en had al lang in zijn bed moeten liggen.

 

Kinderen voelen zaken feilloos aan.

Zo wist onze jongste toen dat zijn vader niet de energie nog de kracht had om hem te corrigeren als hij niet luisterde. Boos worden en je grens trekken kost energie en dat had Elroy niet meer. Toen onze jongste dus niet naar bed wilde gaan, heeft Elroy het maar zo gelaten.

 

Uit mijn onmacht werd ik boos op Elroy.

Uit zijn onmacht werd Elroy boos op mij en zo stonden wij wederom ’s avonds laat ruzie te maken.

 

Terwijl ik boos was op zijn vader, keek ik mijn jongste in zijn ogen aan.

De blik die hij mij toen gaf vergeet ik nooit meer. Ineens ging bij mij er een knop om. Dit wil ik niet meer.

Ik wil niet meer boos zijn op Elroy en ik wil ook niet dat deze situatie zo door blijft gaan.

 

Ik haalde een paar keer diep adem en zei toen: “Ik denk dat wij maar moeten stoppen, we maken elkaar kapot."  

"Ik denk dat het beter is dat jij naar een verzorgingshuis gaat, zodat ik niet meer alle zorg hoef te dragen. Ik wil niet meer zo veel ruzie met je maken of onze relatie nog verder verwoesten, daarvoor houd ik te veel van jou. Dit is niet de manier waarop ik wil verder gaan met jou.”

 

Elroy schrok van mijn reactie en werd meteen kalmer.

Met zijn donkere bruine ogen keek hij mij aan en zei: “Ik wil jou niet verliezen, ik wil ook niet meer dat we zo veel ruzie maken. Het allerergste is dat ik ook niet meer wil leven. Ik trek dit niet meer, ons gezin trekt dit niet meer. Mijn lichaam is op, ik ben op.”

 

Voor het eerst sinds maanden hadden wij eindelijk weer een eerlijk en diepgaand gesprek.

Het was het gesprek wat voor ons het laatste hoofdstuk samen inluidde.

Ik wist al veel langer dat hij niet meer wilde leven, dat zijn lichaam echt aan het opraken was. Zolang hij dat zelf nog niet durfde te zeggen, had het geen zin om dat te vertellen.

Het moest vanuit hem komen. Eindelijk kon hij het zeggen.

 

Want toegeven dat hij niet meer wilde leven, voelde voor hem als falen.

Falen als vader, falen als mijn partner, falen in het leven.

Die avond na die bewuste ruzie besloten wij samen door te gaan tot aan het eind. De mogelijkheden te bekijken hoe we nu verder moesten en welke stappen er genomen moesten worden.

 

We besloten liever voor elkaar te zijn en niet uit elkaar te gaan.

De ruzies verdwenen na enkele dagen volledig naar de achtergrond. Onze band werd weer sterker en die laatste paar maanden groeide onze liefde voor elkaar.

 

Achteraf gezien ben ik blij dat wij die ruzie hebben gehad.

Want door bijna alles te verliezen, wisten wij elkaar weer te vinden. En konden we samen naar het einde toeleven. Samen als een gezin. Iets waar ik zo dankbaar voor ben dat het ons gelukt is.

 

Als iemand ongeneeslijk ziek is, heeft dat op het volledige gezin invloed.

De ziekte sijpelt door je volledige leven en je moet het er maar gewoon mee doen.

En dat tot het bittere eind.




«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Ria B
8 maanden geleden

Ik val in herhaling ... zo heftig als bij jou is het bij ons niet geweest ... maar voor mij is het herkenbaar ... en hoe mooi is het dan om te kunnen zeggen .. we hebben elkaar weer terug gevonden en vol liefde toch die laatste periode is te gaan ..

Geke Bakker
8 maanden geleden

Lieve Daphne, wat een heftige eerlijke blog. Helaas moet jij je maatje missen maar wat een liefde voor jullie soms is idd een schok nodig om te beseffen wat de essntie is. Helaas is mijn ziekte de oorzaak dat ik wegging bij Wiebe dit doet pijn en boos, nu gaat het beter ik op mijn plek en hij op zijn plek. Ooit werd ik verliefd maar helaas een narcist is altijd slachtoffer en nooit dader.